Vakantie & vakantieduur

Gedetacheerde werknemers verwerven tijdens hun bezigheid in Duitsland recht op betaald verlof. Het aantal vakantiedagen is afhankelijk van het aantal gewerkte dagen in Duitsland.

Na telkens 12 gewerkte dagen heeft de werknemer recht op een dag vakantie. De vakantieaanspraak omvat voor een vakantiejaar (= kalenderjaar) dus 30 vakantiedagen (= werkdagen). Zaterdagen, zon- en feestdagen zijn geen werkdagen, zodat de werknemer voor vrije tijd op deze dagen geen verlof moet nemen.

Om de toegestane vakantiedagen te kunnen berekenen, is dus het aantal gewerkte dagen maatgevend. Basis daarvoor is telkens het kalenderjaar.

Op het einde van het vakantiejaar moeten de vakantiedagen die tot dan toe nog niet zijn toegestaan, worden berekend en dan als resterende vakantiedagen naar het volgende jaar worden overgedragen. Een verdere overdracht naar het daaropvolgende kalenderjaar is niet toegestaan.

Voor personen met een handicap en jongeren gelden afwijkende regelingen met betrekking tot vakantie. Er gelden in het bijzonder § 8 Nr. 2.2 en 4.1 zoals n° 11 BRTV.

De vakantieaanspraak van een werknemer voor de periode van zijn detachering wordt gemeten aan het aantal van de gewerkte dagen in Duitsland.

Als gewerkte dagen gelden in principe alle kalenderdagen van het jaar waarbij de werknemer onder een arbeidscontract met een bouwbedrijf staat. Daartoe behoren ook de zaterdagen, zondagen en feestdagen. Het arbeidscontract in de zin van de vakantieregeling eindigt wanneer de werknemer zijn werkzaamheden in de bouw in Duitsland beëindigd heeft.

Geen gewerkte dagen zijn dagen,

  • waarop een werknemer voor een buiten Duitsland gevestigd bouwbedrijf op bouwplaatsen buiten Duitsland werkzaam was;
  • waarop een werknemer zonder opgaaf van redenen niet gewerkt heeft (dagen zonder loon);
  • waarop een werknemer langer dan 14 kalenderdagen onbetaalde vakantie opnam. Wanneer bijvoorbeeld een werknemer langer dan 4 weken onbetaalde vakantie genomen heeft, heeft dat als gevolg dat de gewerkte periode met 28 dagen verminderd wordt (4 weken x 7 kalenderdagen).

De gewerkte dagen moeten voor elk kalenderjaar separaat worden vastgesteld.

Om de berekening van de gewerkte dagen te vergemakkelijken, worden voor volle maanden altijd 30 gewerkte dagen geteld.

Voorbeeld:
Een werknemer begint op 20 mei op een bouwplaats in Duitsland te werken en is daar tot 31 december van hetzelfde kalenderjaar aan het werk. Hij is in deze periode 5 werkdagen zonder opgaaf van redenen afwezig geweest en heeft 21 dagen aan een stuk onbetaald verlof gekregen.

Hoe veel gewerkte dagen worden er gerekend?

20.05. t/m 31.05.

= 12 gewerkte dagen

01.06. t/m 31.12.

= 7 maanden

7 x 30 kalenderdagen                                  

= 210 gewerkte dagen


Totaal


= 222 gewerkte dagen

  
Verminderd met dagen afwezigheid= 5 gewerkte dagen
Verminderd met onbetaald verlof= 21 gewerkte dagen

Totaal


= 196 gewerkte dagen

Dit resulteert in 196 gewerkte dagen voor de werknemer.

Met hulp van de gewerkte dagen kan het aantal de van de werknemer in het kalenderjaar verworven vakantiedagen worden berekend.

Na telkens 12 gewerkte dagen (vakantiedeler 12) heeft de werknemer recht op een dag vakantie.

Wanneer u het aantal tewerkstellingsdagen door de vakantiedeler 12 deelt, krijgt u als resultaat de vakantiedagen die de werknemer toekomen. Gedeeltes van vakantiedagen worden tijdens het lopende kalenderjaar naar beneden afgerond op volle vakantiedagen.

Formule voor vakantiedagen:
(gewerkte dagen)/(vakantiedeler 12)=vakantiedagen

Voorbeeld:
De werknemer is sinds 1 april op een bouwplaats in Duitsland aan het werk.
Vanaf 21 oktober wil hij graag vakantie opnemen. Hoeveel vakantiedagen kan hij maximaal opnemen?

01.04. t/m 31.10.= 7 maanden
7 x 30 kalenderdagen= 210 gewerkte dagen
(210 gewerkte dagen)/12= 17,5 vakantiedagen

De werknemer heeft, aangezien er tijdens het lopende kalenderjaar altijd naar beneden afgerond wordt, aanspraak op 17 vakantiedagen. Deze vakantie kan hij vanaf 21 oktober opnemen. Ook vakantiedagen zijn inbegrepen bij de gewerkte dagen.

Op het einde van het vakantiejaar wordt niet toegestaan vakantie naar het volgende jaar overgedragen. Delen van vakantiedagen, die minstens een halve vakantiedag zijn, worden tot volle vakantiedagen afgerond.

  • Bepaalde dagen die in het afgelopen kalenderjaar in Duitsland worden gewerkt.
  • Deel het aantal gewerkte dagen door de vakantiedeler 12 om daarna de toegestane vakantiedagen van het afgelopen kalenderjaar te berekenen.
  • Rond de delen van vakantiedagen die minstens een halve vakantiedag zijn naar volle vakantiedagen af.
  • Trek van de verworven vakantiedagen de vakantiedagen die tijdens het afgelopen vakantiejaar al toegestaan zijn af.
  • De uitkomst van deze berekening zijn de resterende vakantiedagen. Deze kunnen naar het volgend kalenderjaar worden overgebracht. De werknemer kan de resterende vakantiedagen voor zijn vakantie in het volgend jaar gebruiken.

Voorbeeld:
Een werknemer was van 1 april tot 31 december tijdens één kalenderjaar in Duitsland in de bouwnijverheid werkzaam. Tijdens dat kalenderjaar heeft zijn werkgever hem 16 vakantiedagen toegestaan. Naar 31 december is hij nog steeds op bouwplaatsen in Duitsland aan het werk. Hoe hoog is het resterend recht op vakantie dat hij naar het volgend kalenderjaar kan meenemen?

01.04. t/m 31.12.

= 9 Maanden

9 x 30 kalenderdagen

= 270 gewerkte dagen

270/12

=22,5

Verworven vakantiedagen

22,5 /afgerond 23 dagen

Vermindert met al verleende vakantiedagen

16

Resterende vakantiedagen

7 dagen

De werknemer heeft een resterend vakantierecht van 7 dagen, dat naar het volgend kalenderjaar overgedragen wordt en dat tot 31 december van het volgend jaar opgenomen kan worden.

De werknemer kan de in Duitsland verworven vakantiedagen tijdens zijn detachering eisen. Zodra de werknemer het recht op minstens één vakantiedag verworven heeft, kan deze vakantie in afspraak met de werkgever worden opgenomen.

Als de detachering van de werknemer naar Duitsland is beëindigd, dan kan hij zijn vakantierechten, die hij in Duitsland verworven maar nog niet gebruikt heeft, ook nog tijdens een latere detachering opnemen. De werkgever, die de werknemer navolgend naar Duitsland detacheert, moet deze vakantie verlenen.

Als er na de eerste keer geen verdere detachering plaatsvindt, dan heeft de werknemer de mogelijkheid bij SOKA-BAU een aanvraag vergoeding voor zijn vakantierechten in te dienen.

De vakantie vervalt na afloop van het jaar dat op het jaar volgt waarin de vakantierechten ontstaan zijn. De vakantierechten uit 2017 vervallen bijvoorbeeld aan het einde van het jaar 2018. De werkgever moet zijn werknemer de vakantiedagen uit het werkjaar 2017 daarom ten laatste in de periode tot 31 december 2018 verlenen. Daarna heeft de werknemer zijn rechten op vakantiedagen of vakantievergoeding tegenover zijn werkgever verloren. Met het verval van vakantierechten kan de werknemer ook geen vergoeding van SOKA-BAU meer krijgen. De werknemer kan wel nog een schadeloosstelling voor zijn vervallen rechten bij SOKA-BAU aanvragen.

Heeft de werkgever de werknemer tijdens het lopende kalenderjaar al vóór de detachering meer vakantie verleend, die hoger was dan de vakantierechten die de werknemer tot de detachering verworven had, hebben de werknemers vooraf verleende vakantie ontvangen.

Dit vooraf verleende vakantie wordt van de in Duitsland verworven vakantierechten van de werknemer afgetrokken en de vakantievergoeding bijgevolg gereduceerd.

De werknemer kan zijn vakantie in meerdere dagen opsplitsen. In dit geval ontvangt hij voor iedere vakantiedag een vergoeding dagtarief.

Op het einde van het vakantiejaar wordt niet toegestaan vakantie naar het volgende jaar overgedragen. Delen van vakantiedagen, die minstens een halve vakantiedag zijn, worden tot volle vakantiedagen afgerond.

Als de werknemer ook tijdens het volgend jaar op bouwplaatsen in Duitsland werkt en dan vakantie opneemt, moet de werknemer eerst de resterende vakantiedagen opnemen. De resterende vakantie kan de werknemer nog tot het einde van het nieuwe kalenderjaar opnemen. Daarna vervalt de resterende vakantie tegenover de werkgever. Voor vervallen vakantieaanspraken ontvangt de werknemer een schadeloosstelling. Omdat de vakantie uit het voorjaar niet zou vervallen, moet de werkgever de resterende vakantiedagen eerst verlenen, voordat hij de vakantie uit het lopende kalenderjaar kan verlenen.

Wisselt de werknemer binnen Duitsland naar een ander bouwbedrijf, dan kan hij zijn opgespaarde vakantierechten bij zijn nieuwe werkgever opnemen.

Het is dus een speciaal voordeel, dat de werknemer zijn vakantierechten binnen Duitsland kan “meenemen”, ongeacht, of de bedrijfszetel van zijn werkgever in Duitsland of in het buitenland is.

Om ervoor te zorgen dat de werknemer bij een nieuwe werkgever zijn vakantierechten kan opnemen, moet zijn laatste werkgever bij SOKA-BAU het einde van het dienstverband melden. De nieuwe werkgever ontvangt van SOKA-BAU een actueel overzicht (werknemerrekeningafschrift) waaruit blijkt of en in welke hoogte op het moment van de wisseling nog vakantieaanspraken bestaan.

In geval van overlijden van een werknemer gaan de rechten zoals vakantievergoeding, vakantiecompensatie of vergoeding of schadeloosstelling op de erfgenamen over. De aanspraak op uitbetaling bestaat tegenover SOKA-BAU. Neem in dit geval contact op met SOKA-BAU.